Naar homepage

.

Verantwoording

Speuren in oude archiefstukken.

De stamboom voor de periode 1430-1650 is gebaseerd op een uitgebreid archiefonderzoek in 2017.

Voor de periode 1430-1650 zijn weinig  doop- trouw- en begraafregisters beschikbaar. Dit betekende, dat gebruik diende te worden gemaakt van minder toegankelijke bronnen zoals belastingkohieren, jaarrekeningen van kloosters en uitspraken van het Hof van Holland. Dit bracht veel puzzelwerk met zich mee. Over de ervaringen bij deze zoektocht is in 2018 een artikel gepubliceerd door Peter J.M. van Bohemen in het tijdschrift Gens Nostra (zie Publicaties).

Het onderzoek heeft niet alleen een afstammingsreeks opgeleverd, maar ook veel bijzonderheden over het leven van de ontdekte familieleden. Deze bijzonderheden zijn om redenen van overzichtelijkheid en leesbaarheid van deze pagina niet opgenomen in de navolgende stamboom. Hiervoor wordt verwezen naar een artikel van Peter J.M. van Boheemen dat in 2018 is verschenen in het tijdschrift Ons Voorgeslacht (zie Publicaties). In dit artikel staan ook de gebruikte bronnen gespecificeerd. Desgewenst kan een exemplaar van het artikel worden toegezonden via Contact.

Tijdgeest

Het gebied waar de familie tussen 1430 en 1650 woont, kennen we nu als het Westland.

Na de Romeinse tijd raakt dit gebied bijna geheel ontvolkt. Vanaf de 10e eeuw gaat men vanaf de oude woongronden op de rivieroevers en de strandwallen opnieuw het gebied in. De ontginningen worden echter in 1134 en 1163 weggevaagd door stormvloeden vanuit zee. Nadien vindt een opslibbing van het gebied plaats met zavelige kleigrond, waardoor het Westland een vruchtbare bodem krijgt.

Het Westland komt vervolgens onder de heerschappij van West-Friese graven die zich graven van Holland gaan noemen. In samenwerking met kloosters en vermogende edellieden wordt de Westlandse bodem opnieuw in cultuur gebracht en de waterhuishouding verbeterd.
In bestuurlijke zin wordt het gebied opgedeeld in ambachten, waaronder de ambachten Monster, Naaldwijk, ’s Gravenzande en Wateringen. De graven geven deze ambachten veelal in leen aan niet-lokale families die daar een bestuur in de vorm van een schout en enkele schepenen aanstellen.

In de 14e eeuw wordt de bevolking van het graafschap Holland zwaar getroffen door de pest. In de drie latere eeuwen gebeurt dit nog verschillende keren.

Niet-inheemse vorsten
In de 15e eeuw komt de macht over het gewest Holland en daarmede ook over het Westland in handen van graven uit het Bourgondische Huis. Dit zijn achtereenvolgens Filips de Goede (1419-1467), Karel de Stoute (1467-1477)  en Maria van Bourgondië (1477-1482). Zij zorgen voor de invoering van een centraal bestuur en een centrale rechtspraak. Dit leidt tot de instelling van de Staten-Generaal die in 1464 voor het eerst bijeenkomt in Brugge.
Maria van Bourgondië trouwt in 1477 met Maximiliaan I van Oostenrijk. Na haar overlijden in 1482 komt het gewest Holland in handen van haar zoon Filips de Schone (1482-1506) die tot het Habsburgse Huis wordt gerekend.  Daarna belandt de macht over Holland bij diens zoon Karel V (1506-1555) en vervolgens bij Karels zoon Philips II (1555-1581).

Keizer Karel V, heerser over de Nederlanden in 1506-1555.

Reformatie
Onder Karel V krijgt het Westland te maken met de Reformatie. De godsdienststrijd leidt in 1581 tot het afdanken van Philips II als heerser over de Noordelijke Nederlanden (Plakkaat van Verlatinghe). De Opstand eist echter wel haar tol in het Westland, met name in 1572 en 1573. De boeren worden dan door de Spaanse en Staatse troepen beroofd van hun vee en graan en daarbij worden ook vele boerderijen in brand gestoken.  In 1574 volgt nog  een inundatie van de landerijen als gevolg van het doorsteken van de Maasdijk ten behoeve van het ontzet van Leiden.

De Reformatie leidt in het Westland tot een aantal overwegend katholieke en een aantal overwegend protestante dorpen. In de dorpen Wateringen, Poeldijk en Kwintsheul blijft de bevolking grotendeels katholiek. Daarentegen wordt de bevolking in Naaldwijk en ’s Gravenzande  in meerderheid protestant. In Loosduinen en Monster krijgen beide richtingen evenveel aanhang. Van een systematische vervolging van de katholieken komt het niet. Schuilkerken worden gedoogd en rond 1650 kunnen zelfs weer pastoors worden aangesteld.

Opkomst tuinbouw
Rond 1500 is in het Westland sprake van een landschap, dat bestaat uit een aantal polders met her en der kastelen en verspreid liggende dorpen met kerken, kapellen en kloosters. De aanleg van een dijk langs de Maas zorgt ervoor, dat zich geen inbraken vanuit zee meer voordoen. Ruim 30% van de bevolking in het gewest Holland woont dan al in steden zoals Delft, Leiden, Gouda en Dordrecht.

De bevolking van het Westland houdt zich tot 1500 vrijwel alleen bezig met akkerbouw en veehouderij, met uitzondering van de bevolking van Monster die zich ook op de  visserij richt.
In de tweede helft van de 16e eeuw komt de tuinbouw op in de vorm van fruitteelt (appels en peren). Vanaf 1600, als de welvaart in het gewest Holland sterk toeneemt dankzij de overzeese handel, wordt ook zacht fruit (druiven, bessen en pruimen) geteeld, alsmede groente (peen, kroten, rapen en uien).

 

Geneagram

Geneagram met de eerste zeven generaties van de familie Van Bohe(e)men.

In het nevenstaande geneagram zijn de eerste zeven generaties van de familie Van Bohe(e)men te zien. Aan het begin daarvan staat stamvader Philip die omstreeks 1430 is geboren. Aan de rechterkant van het geneagram worden ruim 20 zogenaamde kindkleinkinderen genoemd. Zij worden in de eerste helft van de 17e eeuw (1600-1650) geboren.

Familiekarakteristiek

De familie verspreidt zich vanaf boerderij Vrederust in de voormalige Lozerdijksepolder (later Uithofpolder). Vrijwel iedereen blijft dicht in de buurt van Vrederust wonen, dus in het ambacht Monster of de aangrenzende ambachten Den Haag, Wateringen en Naaldwijk.

Bijna alle nakomelingen van stamvader Philip worden boer of boerin. Vaak wordt beschikt over een grote oppervlakte land (in de orde van 50 ha). Het eigendom daarvan berust dan in de regel bij een klooster, kerk, kapel of armeninstelling en soms bij een individueel persoon. Verder wordt ook over land in de vorm van een leengoed beschikt.

Een van de nakomelingen wordt korenkoper en verwerft het poorterschap van de stad Delft. Hij trouwt een vrouw uit de invloedrijke Delftse familie Van Bleyswijck. Een ander familid vestigt zich als veenman in Stompwijk. Verder is sprake van enkele familieleden die bakker in Delft en Leiden worden.

Het ontwikkelingsniveau wordt hoog ingeschat, aangezien vele familieleden de schrijfkunst machtig zijn en een publieke functie zoals ambachtsbewaarder, schepen of taxateur vervullen. Ook het beschikken over leengoederen duidt op een respectabele positie. Van enkele familieleden is bekend,dat zij over een flink vermogen beschikken (in de orde van 5.000-10.000 gld).

Zoals besproken op de webpagina Stamvader voert een aantal  de familienaam Vercrocht/Vercroft vanwege hun gelijknamige stiefvader of stiefgrootvader.

Stamvader

I. Philip, geb. ca. 1430. Zoals beschreven op de webpagina is Philip mogelijk een achterkleinzoon van  de omstreeks 1320 geboren Sijmon Florisz. Anderzijds is aangegeven,  dat Philip wellicht een zoon is van Jan Philipsz. die in 1431 land aan de Hollewatering ruilt met Jan Willemsz.

Philip heeft als zoon: Jan Philipsz., volgt II.

Zoon van stamvader Philip

II. Jan Philipsz., geb. ca. 1460, bouwman, vermoedelijk overl. na 1518.

Jan Philipsz. huurt in 1486 7½ morgen in de Haagse polder Escamp van de Heilige Geest en het Kapittel in Den Haag. In 1518 wordt de verhuur voor 5 jaar verlengd. Vermoed wordt, dat Jan Philipsz. woont op boerderij Vrederust, gelegen in de Lozerdijksepolder binnen het ambacht Monster.

Jan Philipsz. heeft als zoon: Sijmen Jan Philipsz., volgt III.

Kleinzoon van stamvader Philip

III. Sijmen (Sijmon) Jan Philipsz., geb. ca. 1500, bouwman te Monster, overl. voor 24/26-1-1559, tr. Lijsbeth Cornelisdr., overl. na 3-6-1559.

Sijmen woont in 1544 op boerderij Vrederust. Hij heeft deze woning met 6 morgen omringend land dan in eigendom. Daarnaast heeft hij in 1544 de beschikking over 29 morgen in Monster en 21 morgen in Eikenduinen, en verder nog, deels samen met een ander, 17 morgen in Wateringen. In 1553 is de gebruikssituatie weinig anders.

Uit zijn huwelijk:

  1. Jan Sijmonsz., volgt IVa.
  2. Cornelis Sijmonsz., volgt IVb.
  3. Sebastiaan Sijmonsz., volgt IVc.
  4. Maritgen Sijmonsdr., overl. voor 4-2-1568, tr. 1e weduwnaar Jan Dirksz. van der Croft, ambachtsbewaarder van Wateringen (1543), negen- en welgeboren man van Naaldwijk (1559), overl. kort voor 14-4-1561, zoon van Dirk Jansz. van der Croft en Lijsbeth N.N., tr. 2e ca. 1561 Adriaan Jorisz., geb. 1536/1537, overl. kort voor 18-2-1572, zoon van Joris Cornelisz. en Neeltje Jorisdr.
    Adriaan Jorisz. tr. 2e voor 4-2-1568 Maritgen Dirksdr., overl. kort voor 9-11-1626, dochter van Dirk Anthonisz. van Dijck en Trijntgen Jacobsdr.;
    Maritgen Dirksdr. tr. 2e Naaldwijk 12-6-1575 Floris Jorisz., overl. kort voor 29-7-1598, vermoedelijk een broer van Adriaan Jorisz.
  5. Grietgen Sijmonsdr., tr. Cornelis Jacobsz.
  6. Geertgen (Geertrui) Sijmonsdr., overl. voor 1566, tr. voor 3-6-1559 Pieter Claasz. van der Valk, wonend in 1544 op een boerderij in de Hoekpolder te Rijswijk, zoon van Claas Jacobsz. van der Valck en Stijntje Pietersdr.
    Pieter Claasz. van der Valk tr. 1e Dignum Cornelisdr, overl. voor 20-9-1553, tr. 3e voor 23-10-1566 Maritgen Maartensdr, weduwe van Pieter Huijbrechtsz., overl. Wateringen 15-5-1565.
  7. Aachtgen Sijmonsdr., tr. Wouter Damasz., kerkelijk voogd (1559).
  8. Maarten Sijmonsz., volgt IVd.

Achterkleinzonen van stamvader Philip

IVa. Jan Sijmonsz., geb. ca. 1525, bouwman te Kwintsheul, ambachtsbewaarder van Wateringen (1571), overl. tussen 2-7-1576 en 9-11-1581, tr. 1e 1549 Trijntgen Maartensdr., geb. ca. 1512, weduwe van Pieter Claasz. (Pieter Claas Jacobsz.), tr. 2e na 1-12-1566 Marijtgen Cornelisdr., overl. voor 9-11-1581, dochter van Cornelis Vriesz. en Grietgen Joostdr.

Jan wordt vaak omschreven als ‘Jan Simonsz. aende Heul’. Dit geeft aan, dat Jan in Kwintsheul woont. Hij beschikt daar over een eigen huis dat in 1584 wordt verkocht aan zijn broer Sebastiaan (IVc). In totaal heeft Jan Simonsz. meer dan 50 morgen in gebruik, waarvan de helft in Wateringen ligt.

Uit zijn huwelijk:

  1. Grietgen Jansdr., geb. na 1549, overl. voor 23-9-1593.

Fragment uit kaartboek van Abdij Leeuwenhorst met perceel L9471 dat Jan Simonsz. gebruikt heeft. Onderaan Jans voormalige woning die dan in het bezit is van Bancraas (Pancraas) Claasz. Vervaardigd in 1631 door Jan Pietersz. Dou.

IVb. Cornelis Sijmonsz., geb. ca. 1530, bouwman te Wateringen, taxateur 10e Penning van Wateringen (1561), kerkmeester (1583), overl. tussen 27-9-1584 en 16-10-1599, tr. Catrijn Huijbrechtsdr., dochter van Huijbrecht Aamsz. en Hilletgen Maartensdr.

Cornelis heeft, net als zijn vader, veel land in gebruik. In 1553-1572 beschikt hij over ca. 58 morgen in Wateringen, gelegen in de Oud-Wateringveldsepolder en de Nieuwe Wippolder. In 1572 heeft hij
daarvan ca. 15 morgen in eigen bezit. Hij is ook in het bezit van een eigen huis. Verder heeft hij de tienden in het Laanblok van Wateringen in pacht, plus de smaltienden van Wateringen en Monster.

Uit zijn huwelijk:

  1. Jan Cornelisz. t’Eikenduinen, ook wel Jan Cornelis Simonsz., volgt Va.
  2. Elisabeth Cornelisdr., tr. ca. 1599 Adriaan Willemsz. de Oude, later Van der Salm, wonend te Wateringen, weduwnaar van Maritgen Pietersdr.

Handtekening van Cornelis Sijmonsz als taxateur van 10e Penning in 1561.

IVc. Sebastiaan Sijmonsz., geb. ca. 1535, poorter van Delft, korenkoper, begr. Delft 3-10-1615, tr. Elisabeth Cornelisdr. van Bleijswijk, overl. voor 25-5-1591, dochter van Cornelis Dirksz. (van Groenwegen) van Bleijswijk, overl. 22-3-1561, en Trijntje Persijn Corsdr.

Sebastiaan is weliswaar poorter van Delft, maar verblijft vaak op de woning van zijn broer Jan in Kwintsheul. Hij laat het bijbehorende land bebouwen door knechten en meiden die hij in de kost heeft. Hij koopt de woning in 1584 uit de nalatenschap van zijn broer Jan, maar heeft deze al in 1577 in gebruik. Eerder heeft hij kortstondig de ouderlijke boerderij Vrederust op zijn naam staan, die dan wordt bewoond door zijn broer Maarten (zie IVd).
In 1579 heeft Sebastiaan ongeveer 40 morgen in Monster en Wateringen in gebruik. Dit duidt erop, dat hij niet alleen handelt in graan, maar ook graan teelt.
Sebastiaan verwerft ook een woning in Rijswijkerhoek met ruim 26 morgen, genaamd Ockenburch.

Uit het huwelijk:

  1. Cornelis Sebastiaansz Heul. Volgt Vb.
  2. Elisabeth Sebastiaansdr Heul, geboren ca. 1578.
  3. Sijmon Sebastiaansz Heul. Volgt Vc.

Handtekening van Sebastiaan Sijmonsz in 1602.

IVd. Maarten Sijmonsz, geb. ca. 1536, bouwman op boerderij Vrederust te Monster, overl. voor 1579, tr. Maritgen Gerritsdr, overl. voor 18-5-1626, dochter van Gerrit NN en Trijntgen Jacobsdr. Maritgen tr. 2e voor 1579 Cornelis Jansz Vercroft, ambachtsbewaarder van Monster (1588), overl. tussen 21-3-1596 en 6-9-1598, zoon van Jan Dirksz van der Croft en Maritgen Sijmonsdr.

Kinderen uit eerste huwelijk:

  1. Gerrit Maartensz Vercroft. Zie Vd.
  2. Cornelis Maartensz Vercroft. Zie Ve.
  3. Maritgen (Maartgen) Maartensdr, geb. 1561/1562, begr. (geref.) Naaldwijk 21-7-1645, tr. 1e voor 9-2-1583 Cornelis Jorisz (Molenwerf), geb. ca. 1540, weduwnaar Neeltje Cornelisdr, bouwman te Honselersdijk, schepen van Honselersdijk (1587, 1590), overl. na 6-9-1598, zoon van Joris Cornelisz en Neeltje Jorisdr en daarmede broer van Adriaan Jorisz (zie III); tr. (geref.) 2e Naaldwijk 24-8-1603 Cornelis Willemsz Persijn van Oudendijk, begr. Naaldwijk 30-3-1631.
  4. Dochter, tr. voor 2-7-1603 Louris Willemsz, wonende in De Lier.
  5. Dochter, tr. voor 2-7-1603 Jacob Ariensz, wonende te Pijnacker.

Boerderij Vrederust is te zien op het navolgende fragment uit het kaartboek van de abdij van Loosduinen uit 1569-1597. Rechtsboven is boerderij Vrederust ingetekend met de naam Cornelis Jansz Vercroft als onderschrift. De kamp die uit twee percelen bestaat, grenst aan de rechterzijde aan de Lozerlaan. In het tekstkader op het kaartfragment is te lezen, dat het groengekleurde weiland en het grijsgekleurde teelland worden gebruikt door Cornelis Jansz Vercroft.

Fragment uit kaartboek van de Abdij van Loosduinen met bovenaan boerderij Vrederust. Vervaardigd in 1569-1597 door Jan Potter e.a.

Betachterkleinzonen van stamvader Philip

Va. Jan Cornelisz t’Eikenduinen, ook wel Jan Cornelis Simonsz, geb. ca. 1555 te Wateringen, bouwman op een boerderij te Eikenduinen in polder Segbroek (later genaamd boerderij Bohemen) , overleden na 29-10-1623, tr. 1e ca. 1580 Haasgen Pietersdr Couck, dochter van Pieter Florisz Couck, geb. ca. 1527, wonend te Monster aan de Madeweg (1600), schepen van Monster (1576), weesmeester van Monster (1576), overl. kort voor 6-3-1602, en Meijnsje Jans, overleden voor 22-4-1594; tr. 2e ca. 1582 Jannetje Philipsdr, overl. na 12-6-1628, dochter van Philips Huijgensz, bouwman in Eikenduinen in de polder Segbroek op de latere boerderij Bohemen (1561), en Heiltje NN.

Kind uit eerste huwelijk:

1. Lijsbeth (Betgen) Jansdr, geb. ca. 1580, begr. Monster 19-8-1636, tr. 1e Vrank Gerritsz van Dijck (van Adrichem), geb. ca. 1562, begraven Monster 23-4-1633. zoon van Gerrit Vrankenz van Dijck (van Adrichem), ambachtsbewaarder (1577) en welgeboren man (1594), en Machteld Pietersdr Hoge(r)werf, geb. ca. 1562, begr. Monster 23-4-1633, zoon van Gerrit Vrankenz. van Dijck (van Adrichem), ambachtsbewaarder (1577) en welgeboren man (1594) en Machteld Pietersdr. Hoge(r)werf; tr. 2e voor 15-8-1635 Cornelis Aartsz. van der Arent.

Kinderen uit eerste huwelijk:

2. Philip Jansz van Bohemen. Volgt VIa.
3. Jan Jansz van Bohemen.Volgt VIb.
4. Dirk Jansz van Bohemen.Volgt VIc.
5. Willem Jansz van Bohemen. Volgt VId. 
6. Haasgen Jansdr van Bohemen, geb. ca. 1598. tr. Gerrit Adriaansz.
7. Heijltgen Jansdr van Bohemen, geb. ca. 1600, overl. na 2-2-1638, tr. (geref) Den  Haag 1-11-1623 (ondertr. 15-10-1623) en Wilsveen tussen 29-10-1623 en 12-11-1623 Cornelis Cornelisz. van Eijk, ged. (geref) Wilsveen 3-10-1599, wonend te Stompwijk, overl. na 1665, zoon van Cornelis Adriaansz van Stompwijk en Maritgen Cornelisdr.

Merkteken van Jan Cornelisz in 1594.

Vb. Cornelis Sebastiaansz Heul, geb. ca. 1575, koopman te Delft (1625), overl. na 11-4-1631.

Vc. Sijmon Sebastiaansz Heul, geb. ca. 1583, koopman te Delft, overl. na 11-4-1631.

Huis van Sijmon Sebastiaansz Heul op Koornmarkt 32 te Delft (Foto P.J.M. van Boheemen).

Vd Gerrit Maartensz. Vercroft, bouwman op boerderij Vrederust te Monster, weerbare man van Monster (1598 en 1629), welgeboren man en schepen van Monster (1610-1617), overl. kort voor 7-9-1632.

Gerrits erfgenamen verkopen zijn woning, schuren, bargen, rosmolen, boomgaard en beplanting op 30 oktober 1632 voor een schuldbrief van 23.000 gld aan landsdrukker en uitgever Machteld Aalbrechtsdr van Leuningen, weduwe van Hillebrant Jacobsz van Wouw. Bij de woning hoort dan 20,5 morgen eigen land, 5,5 morgen leenland en 18 morgen huurland.

Kinderen uit huwelijk:

  1. Maarten Gerritsz Vercroft, ook wel Van Boheemen. Volgt VIe.
  2. Pieter Gerritsz Vercroft, ook wel Van Bohemen. Volgt VIf.
  3. Cornelis Gerritsz Vercroft, ook wel Van Bohemen. Volgt VIg.
  4. Gerritgen Gerritsdr Vercroft, tr. voor 7-9-1632 Lourens Joosten Zuidgeest, bouwman te Kwintsheul.
  5. Trijntgen Gerritsdr. Vercroft, minderjarig op 7-9-1632, overl. 1673.
  6. Grietgen Gerritsdr Vercroft, minderjarige op 7-9-1632, tr. (gerecht) 30-4-1633 Rijswijk Maarten Cornelisz van der Speck.
  7. Aachgen Gerritsdr Vercroft, minderjarig op 7-9-1632, tr. (gerecht) 10-6-1636 Rijswijk Huijbrecht Cornelisz van Nierop.
  8. Jacob Gerritsz Vercroft, ook wel Van Bohemen. Volgt VIh.

Kindkinderen van stamvader Philip

.

VIa. Philip Jansz van Bohemen, geb. ca. 1583, overl. voor 2-2-1638, tr. (geref.) Den Haag 29-4-1607 (ondertrouw 8-4-1607) Grietgen Cornelisdr uit Wateringen, overl. voor 2-2-1638.

Philip krijgt een aantal kinderen welke op 2 februari 1638 erfgenaam zijn van hun oom Willem (VIa).

VIb. Jan Jansz van Bohemen, geb. ca. 1584, overl. voor 2-2-1638, tr. Marritgen Claasdr, overl. voor 2-2-1638.

Jan krijgt een aantal kinderen welke op 2 februari 1638 erfgenaam zijn van hun oom Willem (VIa).

Mogelijke kinderen:

  1. Adriaan (Arij) Jansz van Bohemen, tr. (geref.) Loosduinen 8-06-142 Adriaantgen Adriaans. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  2. Cornelis Jansz van Bohemen, tr. (geref.) Loosduinen 6-6-1666 Cornelia Willemsdr Vroegop. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.

VIc. Dirk Jansz van Bohemen, geb. Eikenduinen ca. 1585, bouwman op Bohemen te Eikenduinen in polder Segbroek en op Vinkenburg (later genaamd Bouwlust) te Eikenduinen in polder Escamp, vaandrig bij weerbare mannen (1652-1653), ambachtsbewaarder van Segbroek (1635), overl. na 7-4-1666.

Kinderen:

  1. Ariaantje Dirksdr van Bohemen, tr. (geref.) Loosduinen xx-12-1648 Crijn (Christiaan) Dirksz van Sollevelt, wonend te Loosduinen, zoon van Dirk Cornelisz van Sollevelt, overl. voor 1-5-1652, en Maartgen Dirksdr.
  2. Jacob Dirksz van Bohemen, geb. ca. 1626, wonend te Den Haag, overl. voor 21-1-1666, tr. (gerecht) Den Haag (ondertrouw 25-4-1660) Jopge Leenderts, wonend te Den Haag. Jopge tr. 2e (gerecht) Den Haag 24-1-1666 Simon Pieters van der Meer. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  3. Jan Dirksz van Bohemen (de Oude), veenman te Stompwijk (1681), vermoedelijk overl. na 27-5-1692, tr. (gerecht) Den Haag 6-2-1650 (ondertrouw Den Haag 16-1-1650 en Stompwijk 15-1-1650) Adriaantje Dirksdr van Leeuwen, wonend te Stompwijk, overl. na 1681. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  4. Jan Dirksz van Bohemen (de Jonge), geb. ca. 1627, bouwman aan de Rijnweg te Loosduinen, overl. na 23-7-1710, tr. (geref.) Loosduinen 28-5-1648 Machtelt Dirksdr van Sollevelt, overl. Monster na 5-5-1679, dochter van Dirk Cornelisz van Sollevelt, overl. voor 1-5-1652, en Neeltje Simonsdr, overl. na 1-5-1652. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  5. Maartgen Dirksdr van Bohemen, overl. voor 22-10-1689, tr. (gerecht) Voorburg 8-5-1667 (ondertrouw 23-4-1667) Lenart Dirksz van der Haas.
  6. Pieter Dirksz van Bohemen, bouwman tot 1671 op Vinkenburg (later genaamd Bouwlust) te Eikenduinen in polder Escamp, begr. Den Haag 29-1-1707, tr. (gerecht) Den Haag 22-5-1673 (ondertrouw 7-5-1673) Geertje Willems van der Cleij. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  7. Joanna Dirksdr van Bohemen, tr. (geref.) Loosduinen xx-6-1673 Arent Claasz van der Valk.
  8. Willem Dirksz van Bohemen, bouwman aan de Achterweg te Naaldwijk en aan de Zwartendijk te Monster, begr. Naaldwijk 19-10-1700, tr. Joosje Jans Foreest, weduwe Claas Cornelisz van Geest, begr. Naaldwijk 5-1-1699, dochter van Jan Jansz Foreest en Maritgen Joosten Vercroft.
  9. Cornelis Dirksz van Bohemen, ged. (geref.) Den Haag 10-3-1638, bouwman op de Groene Woning (later genaamd Groenestein) te Eikenduinen in polder Het Kleine Veentje en op Blijrust te Monster in polder Segbroek, begr. Den Haag 17-9-1714, tr. 1e Angela Broekhoven, dochter van Leendert Gijse Broekhoven; tr. 2e (ondertrouw te Den Haag 13-7-1692) Anthonia (Teuntje) Claasdr van der Linden uit Naaldwijk, overl. Den Haag 16-7-1733. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.

Kaartfragment met de ligging van de Groene Woning (bij het woord Wegh). Gekarteerd door Krukius in 1712.

VId. Willem Jansz van Bohemen, geb. Eikenduinen ca. 1587, wonend te Monster in de Geuzenstraat, begr. Monster 15-6-1634, tr. NN, begr. Monster 19-3-1621.

Kinderen uit het huwelijk:

  1. NN, begr. Monster 18-8-1611.
  2. NN, begr. Monster 24-2-1625.

VIe. Maarten Gerritsz Vercroft, ook wel Van Bohemen, meerderjarig op 7-9-1632, bouwman te Kwintsheul, overl. tussen 12-11-1652 en 15-11-1653, tr.. (vermoedelijk 2e) Maartgen Jacobsdr van Velsen, overl. tussen 11-4-1638 en 8-8-1639, dochter van Jacob Jansz van Velsen en Maritgen Jorisdr.

Op 18 december 1630 koopt Maarten een huis met schuur, barg en geboomte aan de noordzijde van de heerweg te Kwintsheul. Het perceel strekt zich uit van de noordzijde van de heerweg tot aan de schuitsloot. Eerder is dit huis in het bezit van Jan Sijmonsz (IVb) en Sebastiaan Sijmons (IVc). Als toegift krijgt Maarten 15 morgen in onderhuur. Op 16 mei 1648 verkoopt Maarten zijn huis inclusief het recht op de huur van 22 morgen, 16 koeien en allerlei gereedschap voor 4500 gld aan Joris Lourensz (VId).

Kinderen uit vermoedelijke eerste huwelijk:

  1. Gerrit Maartensz van Bohemen, geb. ca. 1618, arbeider te Wateringen (1680), overl. voor 29-6-1714, tr. (gerecht) Rijswijk 27-10-1647 Maritgen Pietersdr van der Valk, overl. voor 29-6-1714. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  2.  Jan Maartensz van Bohemen, geb. ca. 1629, onvermogende watermolenaar in Wout, Woutharnasch en Groeneveld (1680), tr. (gerecht) Berkel en Rodenrijs 28-10-1656 Neeltje Adriaansdr, dochter van Adriaan Huijgen en Ariaantje Cornelisdr. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  3. Lijsbeth Maartensdr (van Bohemen), geb. Wateringen, overl. voor 29-4-1685, tr. (gerecht) Rijswijk 17-5-1637 (ondertrouw 2-5-1637) Claas Claasz van Henegouwen, ook van Bergen in Henegouwen, bijgenaamd ‘de Jonge’; tr. 2e (gerecht) Rijswijk 27-5-1656 Jacob Segersz de Goede. Jacob tr. 2e (geref.) Rijswijk 29-4-1685 Maria Blaris, weduwe Barend Schrijnders.
  4. Jannetgen Maartensdr van Bohemen, wonend te Monster(1680).

Kind uit tweede huwelijk:

5. Maartgen Maartensdr Vercroft, overl. voor 15-11-1653, tr. Jacob Beijersz van Outshoorn, ged. Wateringen 1-2-1622, bouwman te Wateringen (1680), overl. 10-7-1709, zoon van Beijer Arentsz van Outshoorn en Marijtgen Maartensdr. Jacob tr. 2e voor 9-3-1664 Ariaantje Cornelisdr Ouderkerk uit Hodenpijl, overl. voor 24-2-1711, dochter van Cornelis Jansz Ouderkerk en Maartge Dame.

VIf. Pieter Gerritsz Vercroft, ook wel van Bohemen, bouwman aan de Rijnweg te Monster, weerbare man van Monster (1652-1653), overl. ca. 1684, tr. Maartje Jacobs van der Mark, overl. tussen 13-9-1679 en 7-5-1682.

Kind uit het huwelijk:

  1. Gerrit (Gerardus) Pietersz van Bohemen, geb. ca. 1630, weerbare man van Monster (1652-1653), coadjutor van Westlandse pastoor Verburg, kapelaan in Sassenheim (1682), overl. 23-4-1682.

VIg. Cornelis Gerritsz Vercroft, ook wel van Bohemen, meerderjarig op 7-9-1632, overl. voor 22-10-1674, tr. ca. 1641 Marijtgen Cornelisdr Groenewegen, geb. ca. 1602, overl. voor 22-3-1668,  dochter van Cornelis Pietersz Groenewegen en Trijntge Jacobsdr. Marijtgen tr. eerder Jan Huijgen de Bloijs, overl. voor 18-2-1636, zoon Willem Huijgens de Blois en Aaltgen Pietersdr van der Meer.

Kind uit het huwelijk:

  1. Gerrit Cornelisz van Bohemen, ook wel Vercroft, broodbakker te Delft aan Geerweg, begraven Delft (Oude Kerk) 25/28-9-1682, tr. (gerecht) Vrijenban 23-4-1673 (ondertrouw 8-4-1673) Aafje Jansdr Cock, dochter van Jan Gijsen Cock en Lijsbeth Juffers. Aafje tr. 2e (gerecht) Delft 25-7-1683 (ondertrouw 3-7-1638) Pancras Barendsz van Rijn, bakker te Delft aan de Binnenwatersloot. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.

VIh. Jacob Gerritsz Vercroft, ook wel Van Bohemen, minderjarig op 7-9-1632, bouwman te Voorburg aan de Tolbrug (1650), overleden voor 22-10-1674, tr. Maartgen Cornelisdr van Theilingen, overleden na 22-10-1674. Beiden testeren op 19-5-1650.

Vermoedelijke kinderen uit het huwelijk:

  1. Gerrit Jacobsz van Bohemen, ook wel Vercroft, geb. Voorburg, bakker te Leiden aan de Zuidsingel (1680), tr. (gerecht) Voorburg 13-4-1680 en (rk) Leiden 28-4-1680 en (gerecht) Leiden 2-6-1680 Aachge Isaaks van Veen, geb. Voorburg. Aachge tr. 2e (gerecht) Leiden 24-4-1688 Frederik Jansz van Yerbeek, geb. Arnhem, bakker. Wordt vervolgd in periode 1650-1800.
  2. Jan Jacobsz van Bohemen, huwelijksgetuige te Leiden (1680) en doopgetuige te Leiden (1682).
  3. Maria Jacobsdr van Bohemen, doopgetuige te Leiden (1682).

Ve. Cornelis Maartensz Vercroft, ook wel Van Bohemen, weerbare man van Monster (1598).

.

Naar homepage

.